Vraag 11: Heupdysplasie bij mijn kind, is kinderfysiotherapie nodig?

Heupdysplasie is een aandoening waarbij de kom van de heup onvoldoende diep is gevormd en/of de kop van het bovenbeen niet goed gevormd is. Hierdoor zit de kop niet goed vast in de kom en zou de heup, in ernstige gevallen, geheel of gedeeltelijk uit de kom kunnen bewegen. Dit kan verregaande gevolgen hebben voor het looppatroon van je kindje.

Daarom wordt bij het consultatiebureau tijdens het vraaggesprek uitgevraagd of heupproblemen in de familie voorkomen, of je kindje in stuit heeft gelegen en of je kindje strak wordt ingebakerd. Gedurende het standaard lichamelijk onderzoek wordt de beweging van de heupen en de kniehoogte bekeken. Er wordt dan gevoeld of ze symmetrisch bewegen en of de benen voldoende wijd kunnen. Zo controleren ze of er mogelijk sprake is van een dysplastische heupontwikkeling.

Wanneer er twijfels naar aanleiding van het vraaggesprek of het lichamelijk onderzoek wordt er zo rond de leefijd van 3 maanden een echo aangevraagd. Op deze echo kan de vorm van de kom bekeken worden waardoor een dysplastische heupontwikkeling aangetoond of uitgesloten kan worden.

Indien er sprake is van een dysplastische heupontwikkeling wordt er primair behandeld met een spreidbroek. Sommige kinderen ontwikkelen zich ondanks de spreidbroek probleemloos. Anderen lopen (evt. tijdelijk) een motorische ontwikkelingsachterstand op. Dan kunnen wij meekijken om in te schatten of therapie nodig zal zijn of dat de achterstand wel ingehaald zal worden. Ook kunnen wij adviseren bij vragen over het hanteren en positioneren van een kind. Op deze vraag is dus geen eenduidig antwoord. Bij vragen, neem gerust contact met ons op en we denken met je mee.